Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Kruidenblog Kruidenblog


Sint-Janskruid

Sint-Janskruid

Hypericum perforatum

Sint-Janskruid is vernoemd naar de bijbelse figuur "Johannes de Doper", omdat het met Sint Jan (24 juni) op de top van zijn bloei is. Men geloofde dat het kruid geneeskrachtig op zijn sterkst is als het op deze dag geoogst wordt. Het medicinaal gebruik bestond echter al ruim voor het ontstaan van het Christendom. Men geloofde dat wie in de schemering op Sint-Janskruid stapte, door een magisch elfenpaard opgepikt zou worden en pas terug zou komen bij daglicht. Ook werd van Sint-Janskruid gedacht dat het demonen zou uitdrijven en dat het kruid kon voorspellen hoe snel een persoon zou sterven, of dat een bruiloft door zou gaan of niet.
De botanische naam 'hypericum' laat de hoge waardering zien van het kruid en dat het macht heeft over kwaadaardige geesten. Het komt van de Griekse woorden 'hyper'(over) en 'eikon' (icoon). Uit de oude naam Fuga Daemonum (schrik duivel) is ook duidelijk dat men dacht dat het kruid duivels kon weg jagen. Er werden boven schilderijen van heiligen takjes sint-janskruid gehangen om ze te beschermen.
De soortnaam 'perforatum' komt van de oliekliertjes in het blad, die als je hem tegen het licht houdt, lijken op talloze doorschijnende  puntjes die in het blad 'geperforeerd' zijn.

Het is niet vreemd dat dit kruid altijd geassocieerd is met de zomerzonnewende. Sint-Janskruid, met zijn zonnige gele meeldraden en bloemen, is in oude astrologische kruidboeken altijd geassocieerd met de Zon en Leeuw.
Daarnaast lijken de bloemen te bloeden; knijp in een bloemknopje en het laat een donker rood-paarse vlek achter op je vingers. Gebeurt dit niet, dan is het een andere soort.
Met de verspreiding van het Christendom door Europa werd de plant steeds meer geassocieerd met Johannes de Doper. Als de bloemen op of na Sint-Jan in olie worden gezet, produceert dit een bloedrode olie die mensen deed denken aan het bloed van de onthoofding van Sint Jan.
In sommige culturen wordt Sint-Janskruid nog steeds verbrand in zonnewendevuren als onderdeel van magische rituelen, waarbij gezongen, gedanst, gebeden en symbolische ceremoniën gehouden worden.

Sint-Janskruid is een plant uit de hertshooifamilie. De vaste plant komt van nature oorspronkelijk voor in Europa, maar is van daaruit verder verspreid. De plant wordt 20-85 cm hoog en heeft een ronde stengel met tot twee smalle lijsten. De kale, elliptisch of eivormige, gaafrandige, 1,5-3 cm lange bladeren hebben talrijke doorzichtige punten. De doorzichtige puntjes zijn gevuld met etherische olie. Sint-Janskruid bloeit van juni tot september met gele bloemen. De kroonbladen zijn 1-1,6 cm lang. De kelkbladen zijn elliptisch tot langwerpig, stomp, aan de top gaaf of regelmatig getand en korter dan de kroonbladen. De kroonbladen hebben weinig zwarte punten. De bloeiwijze is een tuil. De plant komt voor op droge, grazige, voedselrijke plaatsen langs wegen, spoorwegen en struikgewas.

Sint-Janskruid is ook een verfkruid dat naar gelang van bereiding en deel van de plant rood-geel, geel, goudgroen en bruin oplevert. 

Zoals gezegd kent Sint-Janskruid een eeuwenoude geschiedenis als medicinaal kruid. Klassieke artsen uit Griekenland en Rome gebruikten het met name voor wondgenezing. Ook Paracelsus schreef in de Middeleeuwen enthousiast over het kruid als wondgeneesmiddel. Pas in de 18de eeuw ontdekte men de zenuwsterkende werking, die tegenwoordig nog steeds op de voorgrond staat bij het gebruik van Sint-Janskruid.

In de volksgeneeskunde wordt het bloeiende Sint-Janskruid gebruikt bij wormen, bronchitis en astma, galblaasaandoeningen, nachtelijke drang tot urineren, bedplassen, gastritis, diarree, jicht en reuma. Uitwendig (olie) bij spierpijn, zonnebrand, zenuwbeschadiging, gordelroos, herpes, rugpijn, ischias en als wondgeneesmiddel. Sintjanskruidolie wordt ook gebruikt als verzorging bij een onzuivere of schilferachtige huid.
Wetenschappelijk aangetoond is de werking inwendig  bij milde tot middelzware depressies. Daarnaast wordt de uitwendige toepassing van oliebereidingen geadviseerd bij verwondingen en verbranding.

Recepten:

Thee:
150 ml kokend water over 2 tl kruid, 5-10 minuten trekken, zeven. 's Morgens en 's avond 1-2 koppen. Effect bij depressie is pas na vier weken te verwachten.

Olie:
Bloeiende toppen plukken, vijzelen met klein beetje olie. In een glazen pot met deksel doen en overgieten met plantaardige olie (bv zonnebloemolie).  Dagelijks schudden. Eventueel olie bijvoegen als het kruid niet goed onderstaat. Zet de pot drie weken in de zon. Zeef de nu rood gekleurde olie. De olie kan ook dienen als basis voor massage-olie of zalf.

Opgepast:
Niet gebruiken bij zwangerschap/borstvoeding i.v.m. onvoldoende onderzoek.
Gebruik van Sint-Janskruid kan leiden tot verhoogde lichtgevoeligheid, vermijd zonnebaden na gebruik.
Soms zijn er allergische reacties, maagdarmklachten of hoofdpijn.
Er is wisselwerking mogelijk bij gelijktijdig gebruik van antidepressiva, immuunonderdrukkers, anti-epileptica, proteaseremmers, bloedverdunners, theofyline en digoxine.
Het kan de betrouwbaarheid van anticonceptiepillen beïnvloeden (check de bijsluiter).
Sommige mensen ontwikkelen door regelmatig Sint-Janskruidthee te drinken een overgevoeligheid voor zonlicht en verbranden sneller..

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren met medicatie/behandeling.
Bekeken: 5463 |

Lavendel

Lavendel

Lavandula augustifolia

Het gebruik van lavendel als kruid is al 2.500 jaar geleden voor het eerst beschreven. In de Oudheid werd het vooral gebruikt bij mummificatie en als parfum bij de Egyptenaren, Feniciërs en in de Arabische landen. 
Van daaruit werd het verspreid naar  Europa vanuit Griekenland naar Frankrijk, Spanje, Italië en Engeland.
De Romeinen gebruikten lavendelolie om te baden, te koken en als luchtverfrisser. En om te wassen; hetgeen waarschijnlijk de oorsprong is van het woord lavendel. Lavare is wassen in het Latijn. De kalmerende eigenschappen, de insectwerende kwaliteiten en het gebruik van de plant in wierook maakte het in die tijd een waardevol kruid.
In de Middeleeuwen en de Renaissance werd lavendel ook in Europa voor de was gebruikt en werd de was op lavendelstruiken te drogen gelegd. Daarnaast kreeg het een vaste plek in de medicinale kloostertuinen. Abdes en kruidkundige Hildegard von Bingen (1098-1179) adviseerde lavendelwater (een aftreksel van lavendel in wodka) voor migraines. Tijdens de pestepidemiën in de 17de eeuw werd gedacht dat het dragen van lavendeltakjes de pest zou weren. Het bleek zeker effectief voor de grafrovers in die tijd die zich wasten met een azijn waarin onder andere lavendel zat. Ze liepen zelden de pest op. In het 6de eeuwse Frankrijk werd lavendel ook gebruikt om infecties tegen te gaan. Handschoenmakers die hun spullen met lavendel mochten parfumeren, ontsnapten daardoor aan de cholera. Van die tijd is ook nog het huidige gebruik lavendelzakjes tussen kleding en linnengoed te leggen, om insecten, met name motten, te weren en ze heerlijk te laten ruiken.

Lavendel is een struik uit de lipbloemenfamilie en is erg geliefd in de tuinen vanwege de paarse kleur en de geur van de bloemen. De struik wordt niet hoger dan een meter en niet breder dan een halve meter. De bloemen zijn puntvormig en kunnen wel acht centimeter lang worden. In Nederland en België komt lavendel niet van nature voor.
Lavendel is een unieke geur van een combinatie van 180 componenten en wordt algemeen gebruikt in de parfumindustrie als top- of middennoot voor commerciële producten. Het heeft een groene, hooiachtige zoetheid en fruitige aspecten. Lavendel wordt grotendeels verbouwd in Engeland en de de Franse Provence. Lavendel wordt met name gekweekt om de lavendelolie die geëxtraheerd kan wordt uit de paarse bloemen. Deze olie wordt als geurstof gebruikt in cosmetica, zeep en parfum. Daarnaast wordt deze etherische lavendelolie ook gebruikt in de aromatherapie.

Lavendel wordt ook in de keuken gebruikt. Zo zijn de bloemen onderdeel van de Provençaalse kruiden. Met de bloemen worden bijvoorbeeld Franse kazen gekruid. Andere producten op basis van het kruid zijn: lavendelthee en lavendelstroop die in gebak en bonbons verwerkt wordt. Ook wordt er lavendelhoning geproduceerd, waarbij de bijen alleen lavendel bestuiven.

In de volksgeneeskunde wordt lavendel inwendig gebruikt bij migraine, kramp, winderigheid en bronchiale astma. Uitwendig bij reuma, spanningen, vermoeidheid en slecht helende wonden, maar ook bij verbranding en als middel bij het inslapen (bijv. in een geurkussen).
Wetenschappelijk bewezen is het nut van de bloemen bij onrust en inslaapproblemen; het vermindert de activiteit , verkort de inslaapduur en verlengt de nachtrust. Ook wordt lavendel voorgeschreven bij maagdarmklachten.

Recepten:
Thee:
Lavendelbloemen  kunnen als thee gedronken worden, maar is dan erg bitter. Gemengd met melisse, munt en valeriaan maakt het een ontspannende thee, die ook helpt bij buikkrampen, migraine en duizeligheid. Eventueel zoeten met honing.
(150 ml kokend water over 1 á 2 tl theemix)

Ligbad bij rusteloosheid, spanning of slapeloosheid:
Half uur tot uur voor het slapen gaan, 1-2 liter kokend water over 100g bloesems, 5-10 minuten laten trekken, zeven en aan badwater toevoegen. Ongeveer 20 minuten baden.

Opgepast:
Als je in plaats van de bloemen de pure etherische olie gebruikt, bedenk dan dat die zeer geconcentreerd is. Slechts enkele druppeltjes toegevoegd aan een plantaardige olie is voldoende voor massageolie. Maximaal 10 druppels in een vol ligbad. Om makkelijker in te slapen is eén á twee druppels op een doekje naast het hoofdkussen voldoende.
De etherische olie kan in zeldzame gevallen allergische reacties veroorzaken. 
(In de winter zal ik verder eens een speciaal blogje wijden specifiek aan de mogelijkheden van etherische lavendelolie).
Er zijn geen beperkingen bekend voor het gebruik van lavendelbloemen.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren met medicatie/behandeling.

 

Bekeken: 4410 |

Vlierbloesemsiroop maken


Vlierbloesemsiroop maken


Dit weekend zijn we lekker aan de slag geweest om vlierbloesemsiroop te maken.

 

We zijn begonnen met het maken van suikerwater met citroenzuur.

Terwijl het suikerwater stond af te koelen hebben we vlierschermen geplukt en de bloemetjes van de vlierschermen gehaald. Deze methode is tijdrovend, maar geeft je wel de mogelijkheid de boel even goed ook op rupsjes, oorwormen en andere diertjes te controleren.

Een gedeelte van de bloemetjes zet ik op jenever, minstens drie weken te trekken, daarna zeven, als tinctuur, maar ook als basis voor een heerlijk likeurtje...
helft vlierbloesemsiroop: helft vlierbloesemjenevertinctuur. Jammie!

 

Goed, verder met de inmiddels afgekoelde siroop...de vlierbloesembloemetjes gaan in het suikerwater en dat laat ik afgedekt ongeveer 24 uur trekken.

De volgende dag is het dus tijd om te zeven en te bottelen.

Zo'n kale fles lijkt nog niks, dus een leuk etiketje erop:

  

Proost!

 

Bekeken: 5517 |

Moerasspirea

Moerasspirea

Filipendula ulmaria

Zoals de naam al aangeeft, is de moerasspirea een plant die het liefst op een vochtige plek staat. Moerasspirea heeft door de eeuwen heen vele toepassingen gekend. Zo werd het in de 16de eeuw ten tijde van Elizabeth I over graven uitgestrooid. In de oude Engelse folklore wordt de moerasspirea beschouwd als ongeluksbrenger als de plant binnenshuis gehaald wordt, maar wordt minstens zo vaak juist gezien als geschikte strooiplant om kamers mee te verfrissen, omdat moerasspirea een lichte amandelgeur heeft.
In de mythologie van Wales speelt de moerasspirea een klein rolletje. In de Mabinogion (collectie van Welsche mythes en folklore) wordt Lleu Llaw Gyffes door zijn moeder Arianrhod bestookt met drie vloeken. De laatste vloek was dat hij nooit een vrouw zal hebben van het menselijke ras. Koning Math en zijn oom Gwydion maken echter van eik, brem, en moerasspirea een vrouw voor Lleu: Blodeuwedd.

De moerasspirea is een vaste plant uit de rozenfamilie. Het is een rechtop groeiende, 0,6-2 m hoge plant. De moerasspirea groeit vooral op vochtige plaatsen, zoals bossen, slootkanten en rietvelden. Moerasspirea's hebben talrijke roomkleurige, 0,4-1 cm brede bloemen met vijf kroonblaadjes die sterk naar amandel geuren. De bloem bevat veel meeldraden die ongeveer twee maal zo lang zijn als de kroonblaadjes. De bloemen vormen schermvormige trossen die bloeien van juni tot in augustus en september. De bladeren zijn afgebroken (oneven) geveerd en hebben een groot topblad, dat handvormig gespleten is. Er zijn twee tot vijf paar deelblaadjes, die dubbel getand en eivormig zijn. Aan de onderkant zijn ze viltig  behaard en grijsachtig. De bladeren aan de stengell staan verspreid en hebben aan de voet van de bladsteel twee steunblaadjes. De vruchtjes zijn spiraalachtig gewonden en ongeveer 2 mm groot.

Moerasspirea stond al vroeg bekend om zijn heilzame eigenschappen. Vanaf de middeleeuwen wordt ze al in de boeken genoemd. Maar pas in de renaissance begon men haar geneeskrachtige eigenschappen echt te waarderen, vooral bij jicht, onzuiver bloed en ziektes van blaas en nieren. Wie door een hondsdol dier werd gebeten, moest enkele malen per dag een theelepel van de verse wortel kauwen, en onderzoek heeft uitgewezen, dat dit een effectief medicijn is.
Zoals gezegd bevat moerasspirea salicylzuur, ook wel spireazuur genoemd, als één van de actieve medicinale bestanddelen. Salicylzuur heeft een ontstekingremmende en pijnstillende werking. Het is verwant aan salicine die in wilgenschors zit. Scheikundig onderzoek van beide stoffen heeft in 1853 geleid tot het ontstaan van het overbekende aspirientje.

In de volksgeneeskunde worden de bloemen van de moerasspirea inwendig gebruikt voor het verhogen van de hoeveelheid urine, maar ook bij spier-en gewrichtsreuma, jicht, blaas-en nieraandoeningen en bij hoofdpijn. De bladeren worden ingezet bij maagklachten. Het werkt ook kalmerend en aanvullend in de menopauze. Uitwendig kan moerasspirea gebruikt worden als omslag bij pijnlijke gewrichten door reuma, artritis en jicht.
Wetenschappelijk aangetoond is het nut van blad en bloemen als ondersteunende behandeling van verkoudheid. Onderzoek toont aan dat moerasspirea salicylaten bevat die ontstekingremmend, pijnstillend, koortsverlagend en zweet- en urinedrijvend werken.

Recepten:
Thee:
150 ml kokend water over 1/2 -1 theelepel kruid, 10-20 minuten trekken. Zeven. Aantal malen per dag kopje hete thee nemen.
Kompres:
Dunne katoenen doek weken in een sterke thee van moerasspirea. Aanbrengen op pijnlijke gewrichten, paar minuten laten inwerken. Paar keer daags herhalen.

Opgepast:
Gebruik bij zwangerschap/borstvoeding en toediening aan baby's en zeer jonge kinderen (i.v.m. Syndroom van Reye) wordt afgeraden.
Niet gebruiken bij overgevoeligheid tegen salicylaten.
Bij overdosering kunnen zich maag-en darmklachten voordoen.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren met medicatie/behandeling.

 

Bekeken: 4117 |

Vlierbloesem

Vlierbloesem

Sambucus nigra

Het is weer vlierbloesemtijd!

De gewone vlier behoort tot de oudste en meest favoriete geneeskrachtige planten. Ook in de mythologie speelt de plant een grote rol. Volgens de Germanen woonde in de vlier de beschermende huisgodin Vrouw Holle of Holda. Zij beschermde de mensen en het vee tegen ziekte, onheil en blikseminslag. Een vlierboom vellen werd dan ook gezien als een ernstig misdrijf.
    Als een vlier vanzelf opkwam bij het huis gaf het zelfs geluk en voorspoed. Werd de lijsterbes als beschermer vaak vóór het huis geplant, de vlier had deze taak aan de achterkant. Waarschijnlijk ook omdat de vlier vliegen uit het huis houdt. De keuken was vaak aan de achterkant gesitueerd en zo werd het eten beschermd tegen besmetting. Om die reden werden vaak ook bosjes van vliertakken bij deuren en in veestallen gehangen en aan paardentuig bevestigd. Ook werd vlier vaak bij de melkstal geplant, omdat men dacht dat de melk daardoor niet zuur zou worden. Kaasdoeken werden om dezelfde reden vaak te drogen gehangen op de vlieren. Ook werden vaak vlieren geplant bij bakhuizen. Van de ovens werd namelijk gedacht dat dit een thuis zou zijn van de duivel die zich aangenaam voelt bij hellevuren. De vlier zou dan bescherming bieden tegen de duivelse invloeden. De baksels werden vaak onder de vlier gezet om af te koelen. Maar omdat de vlier ook een thuis was van de elfen en van Vrouw Holle moest al het voedsel dat `s nachts eronder bleef staan, beschouwd worden als een geschenk aan die bewoners.

Wie bestolen was kon door bij zonsopgang naar een vlierstruik te gaan en op het linkerbeen te knielen in de richting van de zon, de vlier verzoeken de dief te bewegen de gestolen waar terug te brengen.
Vondsten van vlierzaden in prehistorische opgravingen bevestigen dat deze boom vroeger al werd gebruikt. In de Oudheid werd de vlier gebruikt voor het zwartverven van het haar. In oude geschriften wordt de struik vaak genoemd als effectief geneesmiddel.
In de Middeleeuwen was de vlier een huisapotheek die naast elke boerderij te vinden was. Uitgeholde vliertakken werden vroeger door kinderen gesneden tot fluitjes. Daar komt het bekende woord 'flierefluiten' vandaan. Ook de Latijnse naam is hierop gebaseerd: 'sambuke' is fluit in het Grieks. 

Van de vlier worden veel delen gebruikt voor geneeskrachtige toepassing:
-de bladeren worden geoogst in maart/april
-de bloesems in mei/juni
-de bessen in augustus/september

Omdat we aan het begin van de vlierbloesemtijd zitten, zal ik hier alleen toepassingen van de bloesemschermen beschrijven.

Vlierbloesem is ontstekingsremmend bijvoorbeeld bij slijmvliesontstekingen en bijholte-ontstekingen en is zweet-en urinedrijvend en slijmoplossend. Vlier is antiviraal en antibiotisch en helpt griep te voorkomen en zorgt dat griep die eenmaal gevat is minder hevig is en korter duurt.
In de volksgeneeskunde wordt de thee ervan gedronken om te transpireren, tegen verkoudheid, koorts en keelpijn, maar ook om de hoeveelheid borstvoeding te vergroten; als gorgeldrank bij luchtwegaandoeningen en uitwendig als lotion bij zwellingen, ontstekingen en pijnlijke, tranende ogen en bij zonnebrand. Neusspoelingen met vlier kunnen helpen bij hooikoorts. Dagelijks 3 koppen (gedroogde) vlierbloesemthee drinken twee maanden voorafgaande aan het hooikoortsseizoen kan het helpen voorkomen.
Een vlierbloesem-theekuur kan het uitdrijven van nierstenen bevorderen. Vlierazijn is raadzaam bij jicht. Regelmatig baden in een bad met vlierbloesem reinigt een vette onzuivere huid. Vlierbloesemlotion doet dit met de gezichtshuid. Crème of zalf met vlierbloesemextract wordt al eeuwen gebruikt bij blaren en kloofjes.
Wetenschappelijk is het nut bij verkoudheid en het bevorderen van 'ophoesten' aangetoond.

Recepten:
Thee: 150 ml heet water over 2-3 theelepels gedroogde bloemen, 10 minuten trekken, zeven. Kan onbeperkt gedronken worden.

Neusspoeling bij bijholteontsteking of hooikoorts:
Zet sterke vlierbloesemthee en laat afkoelen tot lichaamstemperatuur, voeg wat zout toe. Snuif mengsel om en om in de neusgaten op en laat het er weer uitlopen. Dagelijks gebruiken in hooikoortsseizoen.

Ligbad:Linnen zakje vullen met 2 handenvol verse vlierbloesems. In het badwater hangen; 10 minuten baden.

Azijn bij jicht : Handjevol vlierbloesems met 1/2 liter wittewijnazijn mengen. Minimaal twee weken wegzetten op donkere plaats. Zeven. Schone fles ermee vullen, dagelijks een borrelglaasje drinken.

En dan mijn persoonlijke favoriet. Ik maak er liters van zodat ik het hele jaar mezelf tegen griep kan beschermen en misschien nog wel meer vanwege de onmisbare vitamines L en G  ( L= lekker G= genieten)
Vlierbloesemsiroop
Nodig:
1 liter water
1 kilo suiker
1 eetlepel citroenzuur
een paar vlierbloesemschermen (stuk of vier)
Kook het water met de suiker tot de suiker opgelost is en voeg dan het citroenzuur toe.
Laat het suikerwater afkoelen. Pluk ondertussen de bloempjes van de schermen af of hang de schermen met de steeltjes aan een touwtje aan een rooster of stokjes boven de pan. Zorg in ieder geval dat alleen de bloempjes in het suikerwater komen. Dit is erg belangrijk! Veel vlierbloesemsiropen zijn bitter en onsmakelijk doordat de steeltjes niet verwijderd zijn.
Laat de bloempjes 12-24 uur in het suikerwater trekken. Dan de siroop zeven door een schone doek en in bij voorkeur uitgekookte flessen doen.  De siroop is dan zeker een jaar houdbaar. De siroop moet bij gebruik aangelengd worden met water, ongeveer 1 deel siroop en zeven delen water.  

 

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren met behandeling/medicatie.
Bekeken: 37467 |

Kamille

Kamille

Matricaria recutita/ Chamomilla recutita

Kamille is een bekende eeuwenoude geneeskrachtige plant, die in de kruidengeneeskunde misschien wel de meest gebruikte is.
Het woord 'kamille' komt van het Griekse woord 'chamaemelon' dat 'grondappel' betekent.
Waarschijnlijk verwijst dit naar de frisse appelgeur van dit kruid. Plinius beschrijft de geur als die van het aroma van appels of kweeperen. In Spanje is kamille eeuwenlang gebruikt als smaakmaker van lichte sherry die bekend staat als Manzanilla (kleine appel).
De soortnaam 'matricaria' verwijst naar de Latijnse woorden 'mater' (moeder) en 'matrix' (baarmoeder) en 'caria' (zorg). Deze naam geeft al duidelijk aan waar het kruid voor gebruikt werd; bij menstruatieklachten en als ondersteuning bij de bevalling.
De Egyptenaren wijdden kamille aan hun zonnegod Ra en het is bekend dat kamille is gebruikt bij het mummificeren van Ramses II.
Uit de Oudheid is bekend dat de Germanen kamille opdroegen aan de zomergod Baldur. Kamille, dat wordt geoogst op SintJansdag (24 juni) de feestdag van Baldur, moet bijzondere geneeskracht bezitten. Vanwege de associatie met de zon en de zomer was kamille ook een belangrijk kruid tijdens rituelen voor de zomerzonnewende.
De Romeinen gebruikten kamille voor wierook en in drankjes. In de Middeleeuwen werd het gebruikt als strooikruid om de lucht te verfrissen bij bijeenkomsten en festivals.
Voor de Anglosaksen was het één van de negen heilige kruiden van Wodan, 'maythen' genaamd. Het werd toen ook gebruikt als bittere smaakmaker bij het brouwen van bier, totdat hop hiervoor in gebruik kwam.
Ook stond het kruid in deze tijd al in de kloostertuinen. Daar werd het verschil ook benoemd tussen Roomse kamille (Anthemis nobilis) en Echte kamille. Roomse kamille is een vaste plant, echte kamille een éénjarige.  Ze hebben grotendeels dezelfde eigenschappen. Als thee echter is de echte kamille veel smakelijker dan de roomse, die bitter smaakt.

Echte kamille (Matricaria) behoort tot de compositenfamilie of samengesteldbloemigen (Compositae/Asteraceae) en is 20-40 cm hoog met recht omhoog groeiende stengels die van boven kaal en sterk vertakt zijn. De bladeren zijn twee- tot drievoudig geveerd en hebben een heel smalle punt, die uitloopt in een stekelvorm. De bloemknopjes aan het eind van de stengel hebben karakteristieke witte lintbloemen en een geel hartje. Wie zachtjes het hartje tussen twee vingers neemt zal opvallen dat het sponzig is.

Ook nu wordt kamille nog steeds volop gebruikt in de volksgeneeskunde, vanwege de kalmerende, verzachtende, ontstekingsremmende, ontsmettende en krampstillende werking. Ook bevordert het de spijsvertering. Inwendig kan het helpen bij diarree, winderigheid, maagdarmkrampen, uitwendig bij steenpuisten, aambeien, abcessen, acne en verkoudheid. Kamille is ook probaat middel voor kinderen bij buikpijn en braken. Wetenschappelijk is de ontstekingsremmende en krampstillende werking aangetoond en wordt daarom geadviseerd voor wondgenezing en het verlichten van maag-darmklachten, bij huid-en slijmvliesontstekingen, maar ook bij bacteriële huidaandoeningen, aandoeningen van de mondholte en het tandvlees. Inhaleren bij luchtweginfecties, zalf bij wondjes of zitbaden bij anale of genitale wondjes.

Recepten
Kamillethee: 150 ml kokend water over 3 theelepels gedroogde bloemen, 10 minuten afgedekt laten trekken, zeven. 3-4 kopjes per dag.
Kamillebad(je): 5 gr gedroogde kamille per liter water.
Stoombadje/Inhaleren: 2-3 eetlepels kamillebloemen per liter water in een schaal. Buig met handdoek over het hoofd, daarmee de schaalrand afdekkend, 10 minuutjes over de schaal.
Kompres: 3-10 gr kamillebloesem in een doekje. Heet water overgieten. Kamillepakketje vijf minuten op de aangedane plek (ontsteking) leggen.

Opgepast:
Niet gebruiken tijdens de zwangerschap. Niet gebruiken bij composieten-allergie. In heel zeldzame gevallen is er sprake van contact-allergie. Mensen kunnen misselijk worden bij te hoge dosering. Niet als dagelijkse thee gebruiken.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren met behandeling/medicatie.
Bekeken: 3991 |

Brunel

Brunel

Prunella vulgaris

Gewone brunel is een plant uit de lipbloemigenfamilie en komt in Nederland algemeen voor.
Het is een laagblijvende, enigszins behaarde plant, vaak voorzien van een purperen waas. De stengel is vierkantig en onderaan kruipend. De dichte bloeiwijze is de aanleiding tot de alternatieve naam 'bijenkorfje'. De bladeren zijn zijn langwerpig tot eivormig. Ze kunnen zowel gekarteld als gaaf zijn. De plant bloeit van mei tot in de herfst. De bloem is blauwpaars, roodachtig, violet of zelden wit en heeft een lengte van 1-1,5 cm. De bovenlip is gewelfd en de onderlip heeft lange slippen. De plant kan 30 cm hoog worden, maar wordt in weiden en gazons zelden groter dan 5 cm. Verder komt brunel voor op grasland en bouwland, langs wegen, dijken en in de duinen.
Hij wordt wel verward met kruipend zenegroen, die meer op open plekken in het bos en langs de rand van loofbospaden groeit. Het grootste verschil tussen de twee is dat brunel duidelijk tweelippige bloemen heeft en de bovenlip over de onderlip valt.
Brunel is een echte woekeraar. Vanuit de hoofdwortel verspreidt de plant zich door zijwortels die alle kanten uitgaan.   

De wortel werd gebruikt om thee te maken voor jachtceremoniën van de oorspronkelijke bewoners van Amerika. Het zou de kracht van het observeren van de prooi versterken.
In China wordt brunel algemeen gebruikt als een versterkend tonicum. Zij verzamelen de onderste blaadjes en de bloemhoofdjes om koorts en reuma te behandelen. Het wordt gezien als algemeen bevorderend voor het  immuunsysteem en om leverproblemen te behandelen.Ook wordt het gebruikt bij gezwollen lymfeklieren.
Hoewel het kruid in China al twee eeuwen v. Chr. medicinaal gebruikt werd , is hier in Europa de eerste vermelding daarvan pas in de zestiende eeuw. De Engelse naam voor de plant 'Heal all' of "Self heal" geeft al aan dat de plant een medicinale traditie kent. Lang werd brunel gezien als een heilig kruid dat door God gezonden was om alle ziekten van mens en dier te genezen. Het zou zelfs de duivel wegjagen. Daardoor ontstond het geloof dat brunel in heksentuinen als vermomming werd geplant.
Brunel werd gebruikt voor elke denkbare ziekte als een soort 'haarlemmerolie'.
Maar er zijn wel degelijk enkele toepassingen die constant zijn gebleken. Vaak bleek het zeer effectief bij uitbraken van infectieziekten in legerkampen en andere dicht op elkaar levende gemeenschappen. Het werkt ontstekingsremmend en bloedstelpend en sterk samentrekkend. Het is schimmelwerend en antibiotisch. Het kan goed gebruikt worden bij wonden. Het wordt ook vaak ingezet bij leveraandoeningen.
Thee van brunel kan als gorgeldrank helpen bij tandvleesontstekingen, aften en keelpijn. Verder werkt het verlichtend bij griep en koorts. Brunelzalf is in te zetten bij schaafwonden, insectenbeten, koortsblaren en bij zweertjes.

Recept thee:
Twee theelepels gedroogd of vers kruid in 150 ml kokend water, laten trekken tot het afgekoeld is. Zoeten met honing.

Opgepast:
Liever niet gebruiken bij diarree, maagpijn, misselijkheid of overgeven. Niet gebruiken bij bloedverdunners.

Gewone brunel is eetbaar. De jonge bladeren en stengeltoppen kunnen vóór de bloei in april in kruidensoep, als spinazie en rauw in een salade met andere planten gegeten worden.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren medicatie/behandeling.
Bekeken: 4388 |

Kleefkruid

Kleefkruid


Galium aparine

Bijna iedereen kent kleefkruid wel, omdat kinderen er graag mee spelen en plagen door het kruid op elkaars kleding, of erger in de haren, te gooien.
De plant dankt zijn naam aan het feit dat hij vast blijft zitten aan alles wat er langs strijkt. Dat komt door de vele haakjes die aan de stengel en de vruchten van kleefkruid zitten.
De wetenschappelijke naam 'galium' is afgeleid van de galion van Dioscorides (Griekse arts-botanist, 1e eeuw), die opmerkt dat herders de melk (Grieks= gala) laten stremmen door de plant als een soort melkzeef te gebruiken. 'Aparine' komt van het Griekse 'apairo' wat vastnemen of beetpakken betekent.

Kleefkruid is een plant uit de walstrofamilie, net als lievevrouwebedstro. De eennervige bladeren zijn boven het midden het breedst. De bladeren zijn in kransen van zeven verdeeld. De bladeren kleven ook enigszins, maar de stengel kleeft na de vruchten het meest. De stengel is verdikt aan de toppen. De bloeiperiode van kleefkruid is van mei tot oktober. Kleefkruid heeft dan kleine onopvallende witte bloempjes. Deze bloempjes zijn 2 mm in doorsnee. Uit deze bloemen ontstaan kleine vruchtjes met vele haakjes eraan. De vruchten zitten twee aan twee en zijn 6-8 mm groot. De vruchtjes zijn paarsachtig of groen. De vruchtjes hebben nog meer haakjes dan de stengel. Daardoor blijven ze hangen in de vacht van harige  dieren en in de kleding van mensen. Zo worden de vruchten over grote afstand verspreid, waardoor kleefkruid op veel plaatsen voorkomt. Kleefkruid kan zowel in de zon als in de schaduw groeien. Het groeit het best in gebieden met een voedselrijke vochtige bodem. Zodat minder sterke planten daar worden weggedreven. Kleefkruid groeit vaak tussen brandnetels, dovenetels en fluitenkruid in verwilderd onbebouwd land en verwaarloosde tuinen.

Hoewel kleefkruid tegenwoordig vaak alleen maar als lastig onkruid en kippenvoer wordt gezien, werd de plant vroeger voor vele zaken nuttig gebruikt. Bij prehistorische opgravingen zijn kleefkruidvruchtjes gevonden die waarschijnlijk gebruikt werden om melk te stremmen. Ook werd kleefkruid gebruikt als verfmiddel om een rode kleur te krijgen. Waarschijnlijk werd het ook gegeten. Toppen en jonge bladeren zijn een voedzame en gezonde groente (niet rauw, maar stomen, in de soep of in een omelet). Verder werd er koffie van gemaakt. Geroosterd en gemalen zaad is een redelijke koffiesurrogaat.

De geneeskrachtige werking van kleefkruid is al eeuwen bekend. In de oude volksgeneeskunde werd het sap van het kruid al gebruikt voor huidaandoeningen en klierproblemen.

Het sap van kleefkruid is huidreinigend en ontsmettend en is vooral bij veel droge huidaandoeningen in te zetten. Het verzacht de zonverbrande huid. Kompressen van fijngewreven bladeren kunnen helpen op blaren, schaafwonden en kneuzingen. Dit helpt ook zweren, wonden en steenpuisten sneller te genezen. Het sap kan ook ondersteunen bij psoriasis, eczeem en schimmels. Laat het op de huid indrogen en was het af voordat er nieuw sap wordt opgedept. Kleefkruid wordt ook wel genoemd bij de behandeling van huidkanker.

Inwendig ondersteunt kleefkruidthee of het sap het afweersysteem en bevordert het de uitscheiding van afvalstoffen en gifstoffen uit het lichaam. Het helpt bij gezwollen lymfeklieren, terugkerende blaasontstekingen, keelamandelontsteking, nierontsteking, prostaatproblemen en urinewegproblemen, vocht vasthouden en opgezette keelklieren. Bij dit laatste is een combinatie van thee drinken en zalf van botervet met vers sap in een kompres om de verharde klieren op te lossen, aanbevolen. Het kompres eenmalig gebruiken en weggooien.

Recept thee:
150 ml kokend water op theelepel gedroogd kruid. 15 minuten trekken, zeven, 3 x daags een kopje

Opgepast:
Niet inwendig voor mensen die bloedverdunners of plaspillen(diuretica) gebruiken.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren medicatie/behandeling.

 

Bekeken: 8519 |

Driekleurig Viooltje

Driekleurig viooltje

Viola tricolor

Het driekleurig viooltje is inheems in Europa van Lapland tot aan de Middellandse Zee en in Siberië. De plant kan tot 30 cm hoog worden, heeft een kantige stengel, die zich meestal in rechte hoeken vertakt. De stengels dragen kleine, tegenover elkaar staande blaadjes die langgerekt tot ovaal met een gekartelde rand zijn, ook hebben ze steunblaadjes aan de basis van de stengel, die bijna zo groot zijn als het 'echte' blad. De bloeitijd is van mei tot oktober. De bloemen zijn gemiddeld 1,5 cm en zijn driekleurig. Meestal niet effen wit of paars. De twee rechtopstaande kroonbladen zijn meestal violet. De twee zijdelings naar achteren gebogen kroonbladen neigen wat meer naar blauw. Het onderste kroonblad is geel of wit gekleurd met een violet vlekje beneden, dat eindigt in een spoor dat met nectar is gevuld. Het driekleurig viooltje geurt licht en is vooral populair als tuinplant. In de tuincentra vind je allerlei kweekvariaties van het driekleurig viooltje, waarbij de bloem vele malen groter is dan bij de wilde variant.

Rond het driekleurig viooltje zijn vele folkloristische gebruiken en verhalen. De drie kleuren: paars, wit en geel, zouden symbool staan voor herinneringen, liefdevolle gedachten en souverniers, gezamenlijk alle dingen die geliefden die ver uit elkaar zijn, kunnen steunen. 
De drie kleuren werden natuurlijk ook geassocieerd met de christelijk doctrine van de heilige Drie-eenheid. Het plantje werd daarom in oude kruidboeken ook wel 'herba trinitatis' genoemd.
In de Schotse en Duitse folklore worden driekleurige viooltjes "stiefmoedertje" genoemd. Het grote onderste blad is de moeder, de twee daarboven gelegen bloemblaadjes als haar eigen goedgeklede dochters en de bovenste kleinere bloemblaadjes als haar arme stiefdochters.
Een Duits verhaal vertelt dat het driekleurig viooltje ooit een sterke, hemelse, zoete geur had. Mensen reisden van heinde en verre om het te ruiken. Maar daardoor vertrapten ze het gras rondom de viooltjes, waardoor het vee geen voedsel meer had. Daarom richten de viooltjes een gebed naar God voor hulp. God gaf de plant daarom de mooiste schoonheid maar nam de geur van hen af.

In de signatuurleer worden de hartvormige vioolblaadjes gebruikt om een gebroken hart te helen.
Driekleurige viooltjes waren voorspellende bloemen voor de Ridders van de Ronde Tafel uit de Koning Arthur legende.  De bloemblaadjes werden geplukt om er geheime voortekenen aan te ontdekken. Als het blad vier lijnen had, betekende dit hoop. Als de lijnen dik waren en naar links neigden, betekende dit problemen, etc.

Het driekleurig viooltje kent ook een lange geschiedenis in de geneeskunde. De verse en gedroogde bovengrondse delen van de plant worden medicinaal gebruikt. In de volksgeneeskunde wordt het primair uitwendig bij allerhande huidproblemen ingezet, zoals bij acne, eczeem, slecht genezende wonden, berg en luieruitslag . Inwendig wordt het toegepast als licht laxeermiddel bij verstopping en om de stofwisseling te stimuleren, bij slapeloosheid en bij verkoudheid (droge hoest), koorts, keelontsteking en longklachten, nerveuze hoofpijn, urineweginfecties, gewrichtsklachten en darmontstekingen.
Wetenschappelijk bewezen is het nut van het uitwendig toepassen driekleurig viooltje bij kinderen met lichte, natte huidaandoeningen en bij schurft. Een verbetering bij eczeem is aangetoond in dierproeven.

Recepten:
Badtoevoeging:
Schenk 1 liter kokend water op 2-3 eetlepels kruid, laten trekken, zeven en toevoegen aan het badwater.
Kompres: 250 ml kokend water over 1 theelepel kruid, 10-15 minuten trekken, zeven, doek indompelen, lauw gebruiken voor kompres.
Thee: kopje kokend water over 2 theelepels kruid, 10 minuten trekken, zeven. Niet meer dan 3 kopjes per dag. 

Opgepast:
-Het verse kruid niet inwendig toepassen bij kinderen onder de 12 jaar. Dit kan het syndroom van Reye veroorzaken.
-Niet toepassen bij mensen die bloedverdunners gebruiken.
-Overdosering (veel en langdurig) bij inwendig gebruik kan braakneigingen of allergische reacties veroorzaken.
Uitwendig gebruik kent geen beperkingen of bijwerkingen.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren medicatie/behandeling.

Bekeken: 5029 |

Basilicum

Basilicum


Ocimum basilicum

Basilicum is een vaste plant uit de muntfamilie (Lamiaceae). Het is een laaggroeiend zacht kruid dat tot 50 cm hoog kan worden en 30 cm breed. Basilicum is een keukenkruid dat voornamelijk thuishoort in de Italiaanse keuken, maar ook een belangrijke rol speelt in de keukens van Thailand, Vietnam, Cambodja en Laos. Er zijn vele variëteiten.
Basilicum is niet winterhard. In de huiskamer of kas kan de plant wel overwinteren. In de praktijk wordt echter telkens opnieuw gezaaid. De stengels zijn harig, fijn, geribbeld, vierkantig, vertakt en lichtgroen tot rood aan de basis. De bladeren zijn groot, gekarteld, ovaal, puntig en heldergroen, met een warme en toch frisse, sterke geur. De plant bloeit in de nazomer met kleine, geurige, witachtige bloesems, in rondlopende schijnkransen van zes stuks.

In India, waar basilicum vermoedelijk vandaan komt, is het een heilig kruid. 'Tulsi' (basilicum) wordt er verbonden met de Hindu religie. De godin Tulasi werd misleid om haar man te bedriegen toen de god Vishnu zich als haar echtgenoot voordeed. Tulasi was hierdoor volkomen gebroken en doodde zichzelf. De god Vishnu was onder de indruk van haar toewijding en creëerde van haar as tulsi. Tulsi betekent de 'onvergelijkbare' en wordt in India gezien als zeer belangrijk om de gezondheid van het huishouden te bewaken. Tulsi heeft er dan ook een plek op menig huisaltaar, waar het liefde, bescherming, zuivering en eeuwig leven symboliseert.
In Egyptische grafkamers zijn kransen van basilicum gevonden. Het kruid werd daar ook gebruikt om te balsemen en te conserveren en is terug te vinden in oude mummies.
Het woord 'basilicum' komt van het Griekse 'basileus' dat 'koning' betekent. Men geloofde dat het groeide boven de plek waar Sint Constantijn en Helena het Heilige Kruis vonden.  Volgens de legendes is het door Alexander de Grote naar Griekenland gebracht. In de Grieks-Orthodoxe kerk wordt basilicum nog steeds gebruikt om heilig water mee te maken. Potten met basilicum zijn dan ook onder het altaar te vinden.
In het klassieke Rome werd het woord 'basilicum' teruggevoerd op het woord voor basilisk, een mythische slangendraak of schorpioen. En in veel culturen wordt basilicum daarom geassocieerd met ofwel het aantrekken van schorpioenen dan wel het afweren ervan. Later in Italië werd het een liefdessymbool. Een potje met basilicum in de vensterbank of het dragen van een basilicumtakje in het haar, gaf aan dat de betreffende dame beschikbaar was voor hofmakerij.
Er zijn talloze legendes en folklore verhalen met betrekking tot basilicum. Te veel om hier op te noemen. Hoe dan ook ...basilicum ís een koning onder de kruiden.


Basilicum wordt sinds mensenheugenis gebruikt als medicinaal middel vanwege de urinedrijvende, koortsverlagende, kalmerende, krampstillende, antiseptische, schimmelwerende werking. De volksgeneeskunde gebruikt de blaadjes bij maag- en darmklachten vooral als die door bedorven voedsel of overmatig eten veroorzaakt zijn, bij winderigheid, bij verstopping ,maar ook bij nerveuze klachten als slapeloosheid, nervositeit en eetlustgebrek. Verder wordt het gebruikt als zweetdrijvend middel, bij griep, verkoudheid, bronchitis, verstopte bijholten en hoofdpijn, bij menstruatiekramp en om de moedermelkproductie van zogende vrouwen te verhogen.

Recepten:
Basilicum thee:
1 theelepel gedroogd kruid overgieten met 1 kopje kokend water. 10 minuten laten trekken en zeven. (Tegen aanhoudende winderigheid 1 week lang iedere dag 2 kopjes drinken. Twee weken stoppen en dan nog een weekje 2 x daags.)

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren behandeling/medicatie.

Zoals gezegd is basilicum onmisbaar als keukenkruid. Basilicum smaakt enigzins als anijs, peperig, met een sterke, scherpe zoete geur. Basilicum past goed bij knoflook, tomaten- en groentegerechten (zoals aubergines) en Italiaanse gerechten. Het kruid geeft smaak aan olie en azijn. Verder is basilicum onderdeel van het kruidenmengsel Provencaalse kruiden en van pesto. Op het internet zijn hiervoor vele recepten te vinden.

Ik ben zelf verzot op mijn tomaten-basilicum salade.
Recept: 
Door elkaar mengen:
wat tomaten in smalle partjes,een fijngehakt sjalotje, basilicumblaadjes in smalle reepjes, eetlepel kappertjes. Mengen. Olijfolie erover drisselen en maal er flink peper over heen. Extra luxe: fetablokjes en/of olijven erdoor.

Tip: Als je verse blaadjes van een basilicumplantje oogst is het verstandig om niet zo maar blaadjes te plukken maar ze te 'toppen'.  Dat is het verwijderen van de bovenste top en altijd minimaal wat blad aan de steel te laten zitten. Het geregeld 'toppen' van de plant maakt hem 'bossiger', voller.

 

Bekeken: 8438 |
<< Start < Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende > Einde >>

SNP Natuurreizen

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Vermelding i.v.m. cookiewetgeving websites:

 

Om er voor te zorgen dat alle functionaliteiten van deze website naar behoren werken, gebruikt deze website cookies.
Deze cookies bevatten geen persoonlijke informatie en zijn niet gevaarlijk.
Daarnaast kunnen cookies gebruikt worden om bezoekers te analyseren, teneinde u en andere bezoekers een nog betere website-ervaring te geven.
Indien u verder gaat, gaat u akkoord met het gebruik van cookies.

Op deze informatieve website hebben we enkele advertenties geplaatst van onder andere Waschbaer, dit is om een klein gedeelte van de kosten voor het in de lucht houden van deze kruidenwebsite te kunnen betalen. De advertenties zijn met zorg door ons gekozen en deze bedrijven dragen wij een warm hart toe.
Mocht je op een later moment besluiten om iets te gaan bestellen bij een van deze bedrijven, ga dan alstublieft  via de advertentie op onze pagina, dan krijgen wij een kleine vergoeding hiervoor.  Hartelijk dank, namens Ella van de Kruidenkorf.