Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Kruidenblog Kruidenblog


Linde

Linde

Tilia

De botanische naam 'Tilia' komt van het Griekse 'tilos'(vezel), want de schors van de linde bevat heel veel bastvezels. De naam 'linde' komt waarschijnlijk uit het Oudengelse 'lind', of Germaanse 'lenda', dan wel het Latijnse 'lentus' en betekenen allemaal  'flexibel, inschikkelijk, onderwerpen'

Linde is lid van de kaasjeskruidfamilie en komt voor op het noordelijk halfrond in Europa, Noord-Amerika en Azië. Er zijn ongeveer 25 linde soorten. In Nederland komt van nature de Kleinbladige(Winterlinde) en de Grootbladige linde (Zomerlinde) voor en de kruising tussen beide, de Hollandse linde. De verschillende soorten kennen daarnaast diverse variëteiten. Zo is de Zwarte linde een variëteit van de Hollandse linde, evenals de Koningslinde en de Krimlinde.
De linde is een van de grootste loofbomen en komt met name voor in beekdalen. Zij kan zeer oud worden. Afhankelijk van de variëteit kan de linde 15-30 meter hoog worden.
De linde wordt veel gebruikt als leiboom, dan wordt zij wel leilinde genoemd. Takken worden hierbij horizontaal gebogen en aan een frame vastgemaakt. In volgende jaren worden de scheuten op de stam en scheuten die de verkeerde kant op groeien gesnoeid. Op die manier ontstaat een dicht bladerscherm dat met name in de zomer verkoeling in huis biedt. Ook knotlindes voor het beschaduwen van vee, markten of terrassen komen voor.

Voordat de raffinage van suiker zijn intrede deed was de linde belangrijk omdat de lindebloei veel honing produceert. Lindehout is een houtsoort dat zich zeer goed leent voor houtsnijwerk, draaiwerk en beeldhouwwerk, omdat het vrij zacht is, een fijne nerf heeft en gelijkmatig opgebouwd.

De lindeboom werd bij de Kelten en de Germanen gezien als heilige boom waar de godin Freya in woonde. De boomgeest van de linde is een beschermer voor huizen, bronnen en kerken. Ook later werd de lindeboom als 'goede boom' beschouwd. In de linde woonde het 'zoete lindewezen'. Het is de boom van liefde en trouw en symboliseert vrouwelijke gratie, schoonheid en geluk. Denk aan de vele vrouwen die 'Linda' heten. Ook is het een boom van gerechtigheid. Onder de linde werden vonnissen uitgesproken en dorpsoverleg gehouden. De lindeboom verwijst vaak naar een (voorbije) liefde. Maar ook op ontmoeting, ontspanning en vermaak. Kijk maar eens hoeveel café's, herbergen, restaurants, etc. de linde in hun naam dragen. Huwelijken werden gesloten onder de linde; de duimen van de geliefden werden dan in de bast gedrukt. In Scandinavië was de linde de favoriete verblijfplaats van elfen en feeën. Het werd juist afgeraden om zich na zonsondergang in de nabijheid van een linde te bevinden.
De linde moest met respect behandeld worden, want wie tegen een linde plast krijgt een wrat op het oog, en je hebt drie lindebladen nodig om erover heen te wrijven om hem weer kwijt te raken.

Lindebladeren op het voorhoofd doet hoofdpijn verdwijnen, kousenbanden om een Heilige Linde gebonden laat koorts zakken. Lindespruiten fijngestampt door de de kinderpap zorgt ervoor dat het kind nooit kiespijn krijgt.

Ook tegenwoordig wordt de linde medicinaal gebruikt. Hiervoor worden de bloesems geoogst. De flavonoïden in lindebloesem hebben een antibiotische werking. Ze beïnvloeden het centrum in de hersenen dat de warmte reguleert en activeren zo de zweetklieren en het immuunsysteem.  In de volksgeneeskunde wordt lindebloesemthee gebruikt als vocht-, zweet- en urinedrijvend middel, als kalmerend en verzachtend middel, om de afweer te versterken en bij maag-darmklachten en krampen. Wetenschappelijk aangetoond is de werking bij verkoudheid en droge prikkelhoest. Het onderzoek naar de kalmerende en ontstekingsremmende werking lijkt positieve resultaten op te leveren. Een alcoholisch extract toonde effect tegen diverse bacteriën.
Lindebloesemthee kan ingezet worden bij angst, slapeloosheid en prikkelbaarheid en stress. Het kan helpen bij spijsverteringsproblemen, zeker als die met spanningen samenhangen. Het bevordert de transpiratie en werkt koortsverlagend. Het kan ook verkoudheid voorkomen, door de thee te drinken bij verkleumdheid.
Een omslag met lindebloesem verfrist de huid. Een voetbad met lindebloesem extract kalmeert ook de zenuwen.
De kruidenthee is met name in Frankrijk zeer populair, het heet er 'tilleuil' (naar de geslachtnaam 'tilia')

Recept
Lindebloesemthee:
150 ml water over 1 tl lindebloesems, 5 minuten trekken, zeven, drink dagelijs een aantal koppen in de namiddag en avond. De thee kan ook gebruikt worden om te inhaleren.
Lindebloesembad voor zuigelingen:
(goed bij droge huid en eczeem met jeuk).
Breng 12 gram gedroogde lindebloesem met 5 dl water aan de kook en laat het mengsel afgedekt staan. Voeg dit aan het badje van de baby toe.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren medicatie/behandeling.

Opgepast:
Niet elke dag lindebloesemthee drinken. Dit verstoort de warmteregulering van het lichaam. Oude of niet goed gedroogde bloemen kunnen verdovend werken. Mufruikende of verkleurde bloemen dienen te worden weggegooid.

 

Bekeken: 12406 |

Bijvoet

Bijvoet

Artemisia vulgaris

Bijvoet is een lid van de composietenfamilie en een naaste verwant van de absint alsem.
De naam Artemisia komt van de Griekse godin Artemis, godin van de jacht en van de maan. Maar Artemis is ook de godin voor de barende vrouw, hoewel zijzelf altijd maagd is gebleven. Bijvoet is dan ook lang beschouwd als een speciaal vrouwenkruid dat de menstruatiecyclus reguleert, de bevalling versnelt en de overgang vergemakkelijkt.
De naam bijvoet komt waarschijnlijk van het Middelnederduitse 'bibôt'  waarvan het tweede deel komt van 'bozzan' (stoten) en dat slaat dan waarschijnlijk weer op het afstoten van boze geesten. De eigenschap dat de plant helpt tegen vermoeidheid als het in de schoenen gedragen wordt, 'bij de voet', heeft de naam waarschijnlijk veranderd in 'bivot', en dus bijvoet.
De Engelse naam voor het kruid is mugwort en dat wijst op de oude gewoonte om de plant te gebruiken tegen motten en andere insecten. 

Bijvoet heeft een lange geschiedenis van folkloristisch en magisch gebruik. Anglosaksen geloofden dat de aromatische bijvoet een van de negen heilige kruiden is, die door de god Wodan aan de wereld gegeven zijn. Het werd toegevoegd als smaakmaker voor bier, voordat hop hiervoor gebruikelijk werd.
Bijvoet werd gezien als een magisch kruid, met speciale eigenschappen om reizigers te voet te beschermen tegen uitputting. De Romeinen plantten bijvoet langs de weg, zodat het voor passanten beschikbaar zou zijn om in hun schoenen te stoppen en zo zere voeten te verhelpen.
Een legende vertelt dat Johannes de Doper een gordel van bijvoet gedragen heeft toen hij de wildernis in ging.
Van bijvoet geloofde men ook dat het voorspellende en levendige dromen zou geven als het kruid naast het bed of onder het hoofdkussen gelegd werd. Een paganistisch gebruik is om met het zomersolstitium een riem of ketting van bijvoet  te dragen als er rond het midzomervuur gedanst wordt. Het kruid wordt dan in het vuur geworpen als symbool om al het ongeluk en narigheid af te werpen en bescherming aan te roepen voor de duur van het komende jaar.

Bijvoet is een zwak aromatische plant met bladeren die aan de onderzijde witviltig behaard zijn. Bijvoet komt in Nederland algemeen voor, bijvoorbeeld op braakliggend terrein en langs wegen. De plant heeft het liefst zandhoudende grond. De stengel is 60-120 cm lang en heeft vaak een roodachtige kleur. De bloem is bruinachtig geel. Het bloemhoofdje is eivormig en bevat geen lintbloemen. De hoofdjes samen vormen een pluim. Bijvoet bloeit van juli tot september. De onderste bladeren zijn gesteeld en veerdelig. De bovenste zijn enkel- of dubbelveerdelig en stengelomvattend. Er zijn lancetvormige slippen aanwezig.De bijvoet draagt een nootje van ongeveer 1 mm lang.

Medicinaal worden het blad en de stengel gebruikt. Bijvoet is een bittere eetlustopwekker en stimuleert de spijsvertering. Daarnaast wekt het de menstruatie op en reguleert het de cyclus. Het is een effectieve remedie bij pijnlijke en onregelmatige menstruatie. Kompressen van het kruid zijn gebruikt om de bevalling en het afdrijven van de nageboorte te bespoedigen. Bijvoet is zweetdrijvend en galopwekkend, zenuwstillend en werkt anti-reumatisch. Een mild aftreksel van bijvoet werkt kalmerend bij rusteloosheid en nervositeit. Het kan ook helpen bij een milde depressie en nerveuze spanning. Bijvoet kan door zijn krampstillende werking helpen bij voortdurende braakneigingen. Bijvoet in bad is een aromatische en verzachtende behandeling om spierpijn, kneuzingen en gewrichtspijn te verlichten. Gekneusd vers bijvoetblad is effectief in het laten verdwijnen van wratten. Bijvoet is ook een goede nicotinevrije vervanger van tabak.

Recepten:
Bijvoetthee:
Neem 1 volle theelepel bijvoettoppen en giet er een kopje heet water over. Maximaal 2 minuten laten trekken, vervolgens zeven. Maximaal drie kopjes per dag.
Bijvoetwijn:
50 gram bijvoetkruid mengen met 1 liter witte wijn. 1 glaasje voor elke maaltijd.

Een zakje gedroogd bijvoetblad in de kledingkast zal de motten verjagen, eventueel gecombineerd met boerenwormkruid. 

Bijvoetpollen komen vooral voor in augustus en september en veroorzaken bij mensen die daar allergisch voor zijn hooikoortsachtige klachten. Een allergie voor bijvoetpollen gaat vaak samen met een allergie voor selderij, peterselie, wortel, venkel, komijn, dille, paprika en anijs. (kruisallergieën).

Opgepast:
Bijvoet kan allergische reacties veroorzaken. Geen bijvoet gebruiken tijdens de zwangerschap of borstvoedingsperiode. Niet gebruiken bij baarmoederontsteking of bij een bekkeninfectie. Niet langdurig achtereen gebruiken. 

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren medicatie/behandeling

 

Bekeken: 4012 |

Vrouwenmantel

Vrouwenmantel

Alchemilla vulgaris

De naam 'Alchemilla' verwijst naar het gebruik van de plant door alchemisten. Vrouwenmantel vangt door haar vorm veel dauw op die door alchemisten verzameld werd. Dauw was voor alchemisten een levenselixer. De soortnaam ‘vulgaris’ betekent 'gewoon'.

Vrouwenmantel was in de Noordse mythologie gewijd aan Freya, de godin van de vruchtbaarheid. Freya was getrouwd met Od, die op mysterieuze wijze verdween. In de waterdruppels op het vrouwenmantelblad werden de tranen van Freya gezien. Zoals met vele planten en dieren die aan haar gewijd waren, werd deze na de kerstening van Europa gewijd aan Maria. Men zag toen de bladeren als haar mantel die bescherming gaf en de dauwdruppels als haar tranen of die van engelen.
In de Middeleeuwen werd vrouwenmantel als een wondermiddel beschouwd. Het zou, vanwege de samentrekkende eigenschappen, vrouwen die hun geslachtsdelen met een afkooksel van vrouwenmantel wasten, hun maagdelijke staat teruggeven. Ook werd gedacht dat borsten die te hard groeiden met vrouwenmantel-afkooksel geremd konden worden. Daarnaast zou het slappe borsten weer verstevigen. Bovendien dacht men dat het een alles genezend middel was, mits men de juiste spreuken en rituelen ervoor kende.
Het jonge bittere blad van vrouwenmantel is eetbaar. Vroeger werd het gebruikt in yoghurt of salades.

Vrouwenmantel is een lid van de rozenfamilie en wordt tussen de 10 en 30 cm hoog. De onderste bladeren zijn rond, vlak, groot en gesteeld met 7 tot 12 getande lobben, geplooid. De bloemen zijn klein en lichtgroen en staan in een tuiltje.  De bloeitijd is van mei tot juli. Vrouwenmantel is geurloos

Ook al is vrouwenmantel niet het wonderkruid van de Middeleeuwen, in deze tijd wordt het ook gebruikt voor de medicinale werking. Het bovengrondse deel wordt hiervoor in mei tot augustus geoogst. De wortel wordt in de herfst geoogst voor tinctuur.  Vrouwenmantel verlicht menstruatiepijn (starten met thee vóór de menstruatie) en bevordert de doorbloeding van het onderlichaam. Ook ondersteunt het bij PMS en werkt het stabiliserend bij te sterke of te zwakke menstruatie.Een zitbad met vrouwenmantel-afkooksel helpt tegen lastige witte vloed. Vrouwenmantel verlicht overgangsklachten. 
Het helpt ook bij diarree, kalmeert de alvleesklier waardoor de bloedsuiker stabieler wordt. Het kan gebruikt worden als gorgelmiddel bij keelontsteking en aften. Het versterkt de zenuwen en helpt bij hoofdpijn en migraine.  Uitwendig helpt een kompres bij zweren of wonden. 

Recepten:
Thee: 1 kopje kokend water over 2 theelepels gedroogd vrouwenmantelblad, ca. 10 minuten laten trekken. Zeven. Zonodig een kopje drinken, maximaal drie maal daags. (Meer is slecht voor de lever).
Zitbad: 4 eetlepels gedroogd vrouwenmantelblad met 1 liter water koken. 10 minuten trekken, zeven en aan het badwater toevoegen. 10 minuten baden.

Opgepast:
Gebruik vrouwenmantel nooit tijdens de zwangerschap.
Gebruik geen vrouwenmantel bij een bindweefselontsteking, tenzij onder begeleiding van een arts.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren met behandeling/medicatie.

Bekeken: 10158 |

Asperge

Asperge

Asparagus officinalis

Asperge werd al gegeten in het oude Egypte en ook in het oude Rome wist men de groente te waarderen. Na de val van het Romeinse Rijk is de aspergeteelt in Europa verdwenen, maar in West-Azië ging deze gewoon door. Meegebracht door de Moren in Spanje is de asperge weer teruggekomen in Europa. 
In Nederland worden sinds de 19de eeuw op grote schaal asperges geteeld, met name in Limburg en Noord-Brabant. In veel Europese kustlanden, Noord-Afrika en West-Azië is wilde asperge in lage duinbegroeiing en langs rivieren te vinden.

De asperge is een meerjarige plant, die 5 tot 7 jaar achtereen op hetzelfde veld wordt geteeld. De plant is familie van de lelie-achtigen.  De bovengrondse plant, met houtige stengels en zijtakken, sterft af in de herfst, maar de ondergrondse delen overwinteren, en vormen in de lente nieuwe uitlopers. Deze worden als ze nog onder de grond zijn afgesneden, en als groente verkocht. Dit zijn de witte asperges. Als de stengels wel boven de grond komen verkleuren ze naar groen. Dit worden de groene asperges. Ongeoogst kunnen deze stengels twee meter worden.
Voor de witte asperges wordt de grond rond de plant ongeveer een halve meter opgehoogd, zodat de scheut zijn weg omhoog naar het licht zoekt, en de scheut geoogst kan worden voor hij het oppervlak heeft kunnen bereiken. Aspergevelden worden vaak overdekt met plastic. Dit heeft het tweeledige doel om de grond te verwarmen, zodat de plant sneller groeit en meer opbrengst levert, en om te voorkomen dat de koppen gaan verkleuren.
Het aspergeseizoen is betrekkelijk kort; in Nederland ongeveer twee maanden. De eerste asperges steken in de lente de kop op (naargelang de temperaturen in februari of begin maart). Traditioneel wordt er geoogst vanaf de tweede donderdag van april tot 24 juni (St. Jan). Hierna wordt de plant met rust gelaten om deze de tijd te geven om te groeien, zodat er nieuwe energie wordt opgedaan voor het volgende jaar. De(zonne-)energie wordt opgedaan door het bovengrondse groene aspergeloof. Het loof is 10-25 mm lange naaldvormige bladeren, die eigenlijk geen bladeren zijn maar vergelijkbaar met takjes. De eigenlijke blaadjes zijn schubvormig en hebben aan de rugzijde een korte stevige stekel.De plant bloeit in mei tot juli met groenachtige bloemen. De vrucht is een rode bes.

We kennen asperge allemaal als een heerlijke voorjaarsgroente, maar asperge kent ook een lange traditie in de volksgeneeskunde. Het werkt urinedrijvend, versterkt de lever, stimuleert de spijsvertering, en helpt tegen PMS (premenstrueel syndroom)-klachten als gevoelige borsten en opzwellingen van de onderbuik.  Wetenschappelijk is inmiddels aangetoond dat het aminozuur asparagine inderdaad de nierfunctie stimuleert. Niet verwonderlijk dat vanwege het uiterlijk van de asperge het ook gezien wordt als afrodisiacum.
Het regelmatig eten van asperges kan spataderen voorkomen, verlaagt het cholesterol en de bloeddruk, levert foliumzuur, vitamine A en C en verbetert de conditie van de huid.
Aspergewater (water dat overblijft na koken of stomen) kan gedronken worden bij weinig urinedrang, oedeem, blaas-en nierklachten en preventief tegen nierstenen.
Gekookte asperges versterken de lever en ondersteunen bij levercongestie en hepatitus.
Veel natuurartsen raden aspergewórtelthee aan bij jicht, reuma en artritis.
Omdat asperges ook ontslakken, calorie-arm zijn en een vochtuitdrijvende werking hebben worden ze vaak gebruikt voor een "luxueuze" voorjaarskuur. Ze bevatten veel mineralen en vitaminen.

Na het eten van asperges krijgt de urine een eigenaardige, typische geur. De scherpe geur is het gevolg van een aantal vluchtige zwavelhoudende verbindingen die vrijwel meteen in de urine opduiken na het eten van asperges. Waarschijnlijk is de afbraak van onder meer asparagusinezuur, een typisch bestanddeel van asperges, verantwoordelijk. Het asparagusinezuur zelf ruikt nauwelijks, maar wordt door het lichaam omgezet in een aantal kleinere verbindingen die wel een sterke geur verspreiden. Niet iedereen zal na het eten van asperges last hebben van sterk geurende urine. Waardoor dit komt is niet geheel duidelijk.

Recept Asperge voorjaarskuur:
Eet tien dagen lang elke dag 250-500 g asperges. Schil de asperges en laat ze in een ruime hoeveelheid zout water met een mespuntje suiker en een beetje boter gaar worden. Eet de asperges niet met veel boter, saus of andere calorierijke voeding, omdat dan het ontslakkingseffect verdwijnt. Drink het kookvocht puur of maak er, zoals grootmoeder deed, een soep van door het in te dikken met aardappelen of zure room.

Opgepast:
Er zijn enkele gevallen bekent dat asperges een allergische reactie veroorzaken, wat zich uitte in dermatitis . Het ging hierbij om langdurige en hoge blootstelling aan met name de jonge scheuten, zoals bij telers en mensen die werken in restaurants.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren met behandeling/medicatie.

 

Bekeken: 4248 |

Meidoorn

Meidoorn

Crataegus monogyna/ Crateagus laevigata

Meidoorn is een geslacht van struiken die inheems is in Europa, Noord-Amerika, Azië en Noord-Afrika. Sommige soorten komen ook als boom voor. De meidoorn werd vanwege de doornen op de takken veel gebruikt in hagen. Het hout is hard en fijn van structuur. Van het geslacht meidoorn, ook haagdoorn of steendoorn genoemd komen in de Benelux twee soorten inheems voor: de eenstijlige en de tweestijlige meidoorn. Er komt echter ook een soort hybridevorm van die twee in het wild voor.
De botanische naam komt van 'kratos' (hardheid) en heeft betrekking op het harde hout.

Meidoorn werd in de westerse geneeskunde pas in de tweede helft van de 18 eeuw door een Ierse arts geïntroduceerd. De Chinezen echter kenden de struik allang bij het behandelen van hartkwalen.
Wel kent de meidoorn in het Westen een lange traditie van magisch en folkloristisch gebruik.
De bloeiende meidoorn is lang het symbool voor de eerste dag van mei geweest, maar door vroege veranderingen in de kalender bloeit hij meestal wat later in die maand. De meidoorn werd in engelstalige landen zelfs simpel "May"genoemd. Men ging in de ochtend van de eerste mei de bloesemtakken van de meidoorn verzamelen om er feestelijke bogen van te maken om de zomer te verwelkomen. Jonge meisjes verzamelden 's ochtendsvroeg de nog bedauwde bloesems 's voor in het bad om zo hun schoonheid voor het komende jaar veilig te stellen. Mei was de maand van de liefde en de hofmakerij na de winterse kou. Meidoorn stond daarom ook symbool voor sexualiteit. In het klassieke Griekenland was de meidoorn gewijd aan de Godin Maia, naar wie de maand mei is vernoemd. Het hout werd in Griekenland gebruikt als fakkel bij bruiloften en meisjes droegen hoofdkransen van meidoorn op trouwerijen.
In Zuid-Scandinavie zou volgens een legende de meidoorn ontstaan zijn uit de bliksem, en werd daarom de struik vaak gebruikt voor begrafenisvuren. De kracht van de heilige rook zou de overledene direct naar de hemel brengen.
De meidoorn werd gerespecteerd en  gevreesd. Juist omdat de struik belangrijk was rond Beltane (30 april-1 mei) werd hij ook geassocieerd met deze heksensabbat, waar de toegang naar andere werelden mogelijk is.  Meidoorn staat daarom ook bekend als elfenboom. Meidoornen zijn ook vaak te vinden bij heilige bronnen; ook traditionele poorten naar een andere zijde.  Er zijn vele legendes over geluk bij het respectvol behandelen van de meidoorn en vele over ongeluk bij het negeren of slecht behandelen van de plant.
De tradities rond meidoorn gaan zo diep dat zelfs in 1982 arbeiders van een Noord-Ierse autofabriek de problemen van de fabriek wijten aan het feit dat een meidoorn verstoord was bij het bouwen ervan. Het bestuur nam de klachten serieus en plantte met veel ceremonieel een nieuwe meidoorn.

De meidoorn behoort tot de rozenfamilie en is een boom of struik tot 10 meter hoog met hard hout en takken met doornen. De vaak 1,5 cm lange dorens ontstaan uit niet ontwikkelde twijgen. Beide zijden van het blad zijn gelijk van kleur, glanzend en kaal. De bladeren zijn langs de rand gezaagd. De bloemen zijn wit. De bloeitijd is van mei-juni. Enkele planten kunnen 500 jaar worden. Meidoorn houdt van zonnige hagen, lichte loofbossen en vochtige leembodem.

 

In de keuken worden vooral de vruchten in september tot oktober samen met andere vruchten verwerkt tot compotes en gelei. Ze smaken zuurzoet en melig.
Medicinaal worden vooral de gedroogde bladeren en bloemen als thee gebruikt, bij hartklachten, lage of hoge bloeddruk, arteriosclerose, benauwdheid, duizeligheid en als kalmeringsmiddel. De werking bij verminderde prestaties van het hart is ook wetenschappelijk aangetoond. Meidoorn heeft een bloedvatverwijdende werking en verbetert de doorbloeding van de hartspier. Het verhoogt de kracht van het hart en vertraagt de frequentie. De werking van de plantaardige hartglycosiden in meidoorn werken veel langzamer (pas na acht weken) dan de synthetische, maar het effect houdt juist veel langer aan. De volksgeneeskunde gebruikt de meidoorn al sinds de oudheid als ideaal versterkend middel voor  het hart-en vaatstelsel en wordt vooral door ouderen gewaardeerd. De plant werkt bovendien kalmerend bij slaapstoornissen en stabiliserend bij een zwakke bloedsomloop en bij nervositeit. Het middel heeft zoals gezegd, wel enige weken nodig om te gaan werken.

Recept thee: 150 ml kokend water over 1 tl kleingesneden bladeren/bloemen, 10 minuten trekken, zeven, max. 3 kopjes per dag.

Opgepast:
Maak bij hartklachten altijd een afspraak met de dokter!
Er is onvoldoende kennis m.b.t. het gebruik bij zwangerschap/borstvoeding.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren met behandeling/medicatie.

 

Bekeken: 3320 |

Lievevrouwebedstro

Lievevrouwebedstro

Galium Odoratum/Asperula Odorata

De wetenschappelijke naam 'galium' is afgeleid van de galion van Dioscorides (Griekse arts-botanist, 1e eeuw), die opmerkt dat herders de melk (Grieks= gala) laten stremmen door de plant als een soort melkzeef te gebruiken. 'Odoratum' slaat duidelijk op de hemelse geur die de gedroogde plant voortbrengt.
De naam 'onzelievevrouwebedstro' is waarschijnlijk de langste Nederlandse naam voor een kruid. 
Vroeger werd dit kruid opgedragen aan Freya, Godin van de natuur en de liefde. Later met de kerstening werd het bedstro aan Maria gewijd en in 1543 noemde Fuchs het in zijn “Neu Kreuterbuch” voor het eerst “Onser Vrouwe Bedstroo”. Bedstro slaat op het oude gebruik van dit plantje dat als strooikruid in de slaapkamers diende en dat bij ziekte boven het bed werd opgehangen. Het kruid werd ook wel 'walmeester' genoemd, een verbastering van 'waldmeister' (meester van het woud), omdat het in het wild in beukenbossen voor komt.

Over het ontstaan van de naam lievevrouwebedstro doet de volgende legende de ronde: De Heilige Anna (moeder van Maria) had een groot probleem: haar dochter kon de slaap maar niet vatten. Hoe ze ook haar best deed, niets mocht baten, de kleine Maria bleef wakker. Diep hierover nadenkend liep Anna door de velden en zag plots een bedstro-plantje staan. Ze plukte de bloempjes en stak ze in een zak. Na een tijdje waren deze verwelkt en begonnen heerlijk te geuren. Moeder Anna legde de zak als een matrasje onder haar baby en vanaf dan sliep deze als een roos. Als dank mocht het plantje vanaf dat ogenblik lievevrouwebedstro heten.

Er werden het plantje ook vele magische krachten toegekend. In de Middeleeuwen werd lievevrouwebedstro in bosjes naast de ramen gehangen om het huis te vrijwaren van de pest of andere kwade invloeden. Ook werd om die reden vaak een bosje boven de babywieg, het kraambed of ziekenbed gehangen. Bonifatius verbood dit gebruik in 743 als heidens gebruik.
Overigens hang ik het nu zelf ook overal in bosjes op, niet zozeer tegen kwade invloeden, maar omdat de heerlijke geur me telkens aangenaam verrast als ik een kamer binnenkom. Daar kan geen moderne luchtverfrisser tegenop.

In Duitsland zou de lente niet compleet zijn zonder lievevrouwebedstro. Zij maken van de takjes van dit kruid Maitrank, Meidrank dus, die gedronken wordt als lentetonicum en om het nieuwe seizoen te begroeten. (zie voor recept: onderaan) Lievevrouwebedstro gemengd in het veevoer zorgt dat de koe melk geeft met een heerlijk aroma. Maar als het nat wordt, net als klaver, kan het gaan rotten en schimmelig worden; dan komt er een bloedverdunnende stof vrij die bloedingen bij het vee kunnen veroorzaken.

(Onze) lievevrouwebedstro is een vaste, winterharde kruidachtige plant uit de Walstro-familie. De plant vermeerdert zich snel door kruipende wortelstokken en is daarom in tuinen een populaire bodembedekker. In de bloei (mei-juni) is het een groen tapijt met vele kleine witte sterretjes. De bloemetjes verspreiden een zoete geur.  De vierkantige, rechtopstaande stengel is 10-30 cm hoog, teer, onvertakt en alleen op de knopen behaard. De zes tot negen enkelvoudige, lancetvormige blaadjes zijn 1-4 cm lang en schijnbaar sterbladig. Eigenlijk zijn er maar twee blaadjes, de overige zijn steunblaadjes die echter een soortgelijke vorm en functie hebben. Ze staan als spaken rond een wiel. De sterachtige vierlippige bloemetjes vierlippige zijn wit en staan in meertakkige bijschermen op een lange steel.

Anders dan bij de meeste kruiden, waarbij de geur vrij snel verdwijnt na het drogen, wordt de hooiachtige zoete bijna kaneelachtige geur van lievevrouwebedstro alleen maar sterker en kan jaren aanwezig blijven. Dit komt door de aanwezige coumarine, dat soms ook gebruikt wordt om parfums te fixeren.
Lievevrouwebedstro wordt gebruikt vanwege haar geur in geursachets, in potpourri's en vooral ook in zakjes voor de linnenkast omdat het motten verdrijft.

Lievevrouwebestro werd vroeger ook gebruikt als medicinaal kruid.  De verse bladen werden gebruikt bij wondverzorging. Een aftreksel zou de spijsvertering bevorderen. Thee van de bladen werkte versterkend voor de lever, urinebevorderend, en werd ingezet bij rusteloosheid en angst. Tegenwoordig wordt het niet meer medicinaal gebruikt omdat het gehalte aan coumarinen niet zonder risico is.

Maar een enkele keer, zoals nu voor Beltane (vruchtbaarheidsfeest 30 april/1 mei) traditioneel een Maitrank drinken kan weinig kwaad:

Recept:  Maitrank/Meidrank:

1 liter Moezelwijn, 10 koffielepels rietsuiker, 1 glas cognac of rum, 1
scheut curaçao, 15 jonge loten lievevrouwbestro (liefst geoogst voor de bloei en
enkele uren gekoeld in kelder).
Snij een sinaasappel in stukken of schijven en 1 koffielepel van de witte
binnenschil.
Alles mengen en 24 u laten trekken. Het kruid verwijderen. Nog 1 à 2 dagen
laten staan. Zeven. Koel serveren.


Tip voor wie appelsap niet zo bijster lekker vindt:
Leg eens een uurtje of wat er een takje lievevrouwebestro in, en de smaak zal je verrassen!

Opgepast:
Niet gebruiken bij zwangerschap of bij gebruik van bloedverdunners.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren met behandeling/medicatie. 

 

Bekeken: 6777 |

Bieslook

Bieslook

Allium schoenoprasum

De botanische naam schoenoprasum komt van het Griekse 'skhoinos' (zegge) en 'práson' (prei). De Nederlandse naam is vergelijkbaar. De stengels/blad en bloemen van de bieslook lijken op die van bies (oevergewas), maar het is een uiachtige, dus look.
Bieslook wordt al sinds de Middeleeuwen in Europa verbouwd, hoewel er ook bewijzen zijn voor het gebruik ervan tot 5000 jaar geleden. De Romeinen geloofden dat bieslook de pijn van zonnebrand of die van een zere keel kon tegengaan. Ze gebruikten bieslook ook om de bloeddruk te verminderen en om de aanmaak van urine te stimuleren.
Roemeense zigeuners gebruikten bieslook voor hun voorspellingen. En men geloofde dat opgehangen bundeltjes bieslook rond het huis ziekte en kwaad zou weren.

Bieslook is de kleinste soort van de uien familie (Alliaceae). Die bijvoorbeeld ook ui, prei en knoflook omvat. De familie komt oorspronkelijk uit Europa, Azië en Noord-Amerika.
Het is een vaste plant die bloeit in juni en juli met blauw-roze-violette schermen. In België en Nederland komt nog wilde bieslook voor. De plant zorgt voor een voedselvoorraad onder de grond die de winter overleeft, zodat deze in de lente heel snel op kunnen komen en kunnen bloeien en zaad produceren. Iedere  bol vormt een nieuwe bol, maar dikwijls ook meerdere broedbollen aan de wortels. Dit is de ongeslachtelijke vorm van voortplanting. Bovendien is er ook geslachtelijke voortplanting door zaadvorming.
De plant is pollenvormend en heeft in de familie de kleinste bolletjes, die echter volkomen gelijkwaardig zijn aan de in vergelijking reusachtige bollen van de amaryllus.

Van de bieslook gebruikt men bij voedselbereiding vooral de jonge dunne stengels. De dikkere stengels hebben de neiging taai te worden. Bieslook is populair omdat het wat milder smaakt dan andere uisoorten. Bieslook behoort tot de traditionele Franse keuken. Het is een van de 'fines herbes' samen met onder andere peterselie, dragon en kervel.
In de keuken worden de stelen/bladen gesnipperd en als smaakmaker gebruikt bij o.a. vis, aardappels en soep. Het is een gewoon keukenkruid, dat in menig kruidentuintje te vinden is, maar ook vrijwel altijd te koop is in de supermarkt: vers, ingevroren of gevriesdroogd. Hoewel de smaak van bloeiende bieslook veel minder is zijn de bloemen prachtig als eetbare, lekkere en voedzame garnering. 

Bieslook heeft tevens, vanwege het zwavelgehalte de eigenschap om insecten uit de tuin weg te houden, maar blijft aantrekkelijk voor bijen.

De geneeskrachtige eigenschappen van bieslook zijn vergelijkbaar met die van knoflook, maar zwakker. Het wordt daarom minder vaak ingezet dan knoflook. Maar het grote voordeel van bieslook is dat de geur ook veel zwakker is. Bieslook is schimmeldodend, verlaagt de bloeddruk. In Azië wordt bieslook aangeraden om verkoudheden, griep en slijm in de longen te behandelen. Bieslook is gunstig voor de bloedsomloop en is dankzij het ijzergehalte bloedvormend. De fosfor bevordert helderheid van geest en de zwavel gaat ontstekingen in het maag-darmkanaal tegen. Het werkt vochtafdrijvend, slijmoplossend en is stimulerend voor de klieren en bieslook bevat flink wat vitamine C.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren met behandeling/medicatie

 

Bekeken: 2868 |

Zilverschoon


Zilverschoon

Potentilla anserina

Zilverschoon is een inheemse plant uit de rozenfamilie. De naam van deze plant komt door het zilverig uiterlijk dat ontstaat door zijdeachtige haartjes waarmee de plant is bedekt.

De naam 'potentilla'  is door Linnaeus aan de soort gegeven vanwege de krachtige=potent helende werking die aan de soort toegeschreven werd. 'Anserina'komt van het Latijnse 'anser'dat gans betekent. Het is lang gebruikt als ganzenvoer. In het Nederlands wordt zilverschoon dan ook vaak 'ganzerik' genoemd.

De bladeren vormen een bladrozet. Uitlopers wortelen op de knopen tot op 80 cm van de plant. Zilverschoon komt voor op vochtige plekken langs wegen en in het weiland. De plant is giftig voor paarden, vooral na het eten van grote hoeveelheden en langere tijd.
De bloem is geel en heeft een doorsnede van 1,5-2 cm. Er zijn vijf afgeronde kroonbladeren en tien kelkbladeren. De bloem is voorzien van veel meeldraden.Zilverschoon bloeit alleenstaand aan lange bloemstelen van mei tot augustus.
De bladeren zijn afgebroken geveerd en bestaan uit zes tot twaalf deelblaadjes. Deze deelblaadjes zijn diep getand. De onderzijde van het blad is witviltig behaard, maar soms ook de bovenkant.
De plant komt voor in Europa, West-Siberië en het Midden-Oosten.

Geroosterd, gekookt of rauw werden de wortelstokken, vooral in tijden van hongersnood, gegeten door de oorspronkelijke bewoners van Amerika, de Chinezen en ook door Europeanen.
De superzachte zijdeachtige blaadjes werden vroeger ook gebruikt als voering voor de laarzen van soldaten en boeren met zere voeten.

In Europa is het ook altijd gebruikt als medicinaal kruid, vooral bij pijnlijke menstruatie, vanwege de ontkrampende werking. Johann Künzle (Zwitserland, 1911) schreef dat elke vrouw dit kruid moet kennen omdat er nauwelijks betere remedies zijn tegen menstruatiekrampen en bloedingen. Hij adviseerde op de tien dagen voorafgaand aan de menstruatie twee kopjes van het aftreksel van het kruid te drinken. "De hele plant heeft therapeutische effecten: het verkoelt, versterkt en werkt samentrekkend".
Ziverschoon werkt ook krampstillend bij bijvoorbeeld diarree, maagdarmkramp en winderigheidskoliek. Een aftreksel van de plant werd vroeger gebruikt bij oogontsteking of als gorgeldrank bij kiespijn en ontstoken tandvlees. Bij bloedende aambeien werd een sterke thee als lotion op de aambeien aangebracht terwijl een lichte thee inwendig werd genomen. Bij kleine nierstenen werkt zilverschoon diuretisch (verhoging urineproductie)
Het is nog niet wetenschappelijk bewezen, maar de plant lijkt ook anti-viraal te werken.
Gedestilleerd water van het kruid was vroeger een geliefd cosmetisch middel om sproeten, vlekken en puistjes weg te halen, en om de huid na zonnebrand te herstellen.

Recept thee:
1 kopje kokend water op een eetlepel gedroogd kruid. 15 minuten afgedekt laten trekken, zeven. 2-3 kopjes per dag na de maaltijd.

Opgepast:
Niet gebruiken bij hepatitis.
Niet gebruiken bij nierproblemen m.u.v. nierstenen.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren met medicatie/behandeling.

Zoals gezegd, zijn de wortels van zilverschoon eetbaar. De wortels zijn extreem breekbaar, niet vezelig en hebben een knapperige structuur met de smaak van noten. Ze kunnen rauw gegeten worden en zijn vooral zetmeelleveranciers (veel meer dan bijvoorbeeld aardappels). Gekookt, gestoomd of geroosterd, of gedroogd en verpulverd tot meel voor brood zijn ze makkelijker verteerbaar. De beste tijd om wortels te oogsten is in de herfst, zodra de bladeren oranje-bruinig worden. Maar ook in de winter en in de lente zijn ze goed te eten. 's Winters zijn ze echter niet makkelijk te vinden omdat het blad afsterft.

Bekeken: 2928 |

Witte Dovenetel

Witte dovenetel

Lamium Album

De witte dovenetel is in Nederland een algemeen voorkomende, overblijvende plant. De geslachtsnaam Lamium is afgeleid van het Griekse 'lamos' (slokdarm) en slaat op het uiterlijk van de plant.

De bladeren zijn net als bij de brandnetel getand. De naam dovenetel is hiervan afgeleid, hij brandt namelijk niet (doof=niet werkend).
De vierkante holle stengel is behaard. De bladeren staan paarsgewijs tegenover elkaar. Aan de voet van de steel zijn de bladeren hartvormig, naar boven toe langwerpig. Het meest opvallende kenmerk van de plant zijn de witte (soms geel aanlopende) bloemen. Deze ontspringen in het bovenste deel van de plant kransvormig rondom de plaats waar de bladeren uit de stengel komen. Zo'n krans bestaat uit acht of meer lipvormige, 2-4 cm grote bloemen.
De bloeitijd is van mei tot augustus. De plant kan tot 1,5 m hoog worden, maar blijft afhankelijk van seizoen, standplaats en klimaat ook steken bij 30-40 cm. Het zaad wordt verspreid door mieren. Ondergronds kent de plant ver vertakte uitlopers.

De plant groeit uitgebreid langs wegbermen, in parken, op stortplaatsen en afvalterreinen, langs dijken en bosranden. Het verspreidingsgebied beslaat Europa en gematigd Azië. In Noord-Amerika is de soort geïntroduceerd.De bloem is rijk aan nectar en dus populair bij honingbijen en hommels.

De thee van de bloemen wordt in de volksgeneeskunde bji maagdarmstoornissen en urineweginfecties toegepast. Ook wordt het gebruikt als slaap en zenuwmiddel bij ouderen en wordt het uitwendig aangebracht bij aambeien en spataderen en nagelontstekingen.
Wetenschappelijk wordt het geadviseerd bij luchtweginfecties, en uitwendig bij ontstekingen in de mond en keelslijmvlies, bij lichte huid ontstekingen en niet specifieke vaginale afscheiding.

Recepten:

Thee: 150 ml heet water over twee theelepels bloemen, 5 minuten laten trekken, 3x daags drinken.
Kompres: 100 ml heet water over 3 eetlepels bloemen, laten afkoelen en aanbrengen.
Voet-of vingerbadje/zitbad: 500 ml kokend water over handvol bloemen. Half uur laten trekken, zeven en aan hete badwater toevoegen.

Raadpleeg bij klachten altijd een arts en informeer de arts bij combineren met behandeling/medicatie.

Keuken:
De jonge spruiten jonge bladeren vóór de bloei, van zowel de paarse als de witte dovenetel, kunnen in soepen en salades worden verwerkt. Verder kan men deze samen met andere groenten als spinazie eten.
De rijpe bloemen van de witte dovenetel laten makkelijk los van de plant, waarna de heerlijke nectar er makkelijk uit te zuigen is. De bloemen van alle soorten zijn eetbaar. De bloemen van de witte dovenetel zijn gesuikerd lekker over vla en pudding.
Recept:
Bladeren en bloemen zonder de stengels en stelen wassen en fijnhakken. Fijngesneden ui smoren in wat vet, dovenetel erbij doen en 3-4 minuten op heel zacht vuur laten smoren. Binden met beetje meel, water of bouillon, even laten koken. Zout naar smaak toevoegen.

 

Bekeken: 5442 |

Kleine Pimpernel

Kleine Pimpernel

Sanguisorba minor

De kleine pimpernel is een vaste plant uit de rozenfamilie. De plant wordt ook wel 'sorbenkruid' of 'bloedkruid' genoemd. Beide namen houden relatie met de botanische naam. 'Sanguis' betekent bloed, terwijl 'sorbis' (sorba) opnemen of absorberen betekent.
De tot 60 cm hoge plant heeft een bolvormig bloemhoofdje. De bovenste, groenachtige, vaak paars aangelopen bloemen hebben roodachtige stijlen en 10-30 hangende meeldraden, die 3-5 keer zo lang zijn als de kelkbladen. De bovenste bloemen zijn vrouwelijk en de onderste mannelijk. De bloeitijd is van mei tot in juli.
De bladeren zijn ellipsvormig, getand, blauwgroen en zijn in groepen van zes tot tien bladeren aan elke bladsteel gegroepeerd.

De plant is afkomstig uit het Middellandse Zeegebied en komt nu in alle gematigde streken van Europa voor, tot zelfs in het hoge noorden. De soort is in Noord-Amerika geïmporteerd. De plant groeit meestal op redelijk droge en kalkhoudende grond in bermen, graslanden en op hellingen. De plant heeft een diepe penwortel, waardoor de soort in tuinen lastig te verplanten is. De plant prefereert een zuurgraad tussen de 6,1 en de 7,5 pH.
De kleine pimpernel staat op de Nederlandse Rode Lijst van 2000 als vrij zeldzaam en matig afgenomen. Niet plukken dus, maar bij de kweker of tuincentrum kopen en in de tuin planten. Eenmaal goed geworteld in de tuin kan die gaan woekeren.

De kleine pimpernel bevat looistoffen, saponine en een flavon. De plant werd, zoals de botanische naam al aangeeft, gebruikt als bloedstelper. In de Middeleeuwen dronken soldaten voor de strijd een aftreksel van deze plant in de hoop dat wonden minder sterk zouden bloeden.  Ook werd het gebruikt als gorgeldrank tegen infecties in de mond en tegen spataderen. Het gebruik in de keuken, met name in Angelsaksische landen is veel bekender. Al in de zestiende eeuw werd pimpernel als groente gekweekt. De jonge blaadjes worden gebruikt in salades. Ook werden de blaadjes in wijn gebruikt om de wijn smakelijker te maken. Dit gebruik was bijvoorbeeld aan het hof van koningin Elizabeth van Engeland populair. De smaak lijkt op die van komkommer, volgens sommigen licht bitter, volgens anderen iets nootachtig.

Bekeken: 4186 |
<< Start < Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende > Einde >>

SNP Natuurreizen

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Vermelding i.v.m. cookiewetgeving websites:

 

Om er voor te zorgen dat alle functionaliteiten van deze website naar behoren werken, gebruikt deze website cookies.
Deze cookies bevatten geen persoonlijke informatie en zijn niet gevaarlijk.
Daarnaast kunnen cookies gebruikt worden om bezoekers te analyseren, teneinde u en andere bezoekers een nog betere website-ervaring te geven.
Indien u verder gaat, gaat u akkoord met het gebruik van cookies.

Op deze informatieve website hebben we enkele advertenties geplaatst van onder andere Waschbaer, dit is om een klein gedeelte van de kosten voor het in de lucht houden van deze kruidenwebsite te kunnen betalen. De advertenties zijn met zorg door ons gekozen en deze bedrijven dragen wij een warm hart toe.
Mocht je op een later moment besluiten om iets te gaan bestellen bij een van deze bedrijven, ga dan alstublieft  via de advertentie op onze pagina, dan krijgen wij een kleine vergoeding hiervoor.  Hartelijk dank, namens Ella van de Kruidenkorf.